april 2, 2020

Oorlog…

Het woord ‘oorlog’ is terug in ons dagelijkse vocabulaire. Als eerste verklaarde de Franse Macron de oorlog aan het virus en sindsdien duikt het woord regelmatig op. Rutte verwees in zijn toespraak van afgelopen maandag ook naar de oorlog, sinds de Tweede Wereld Oorlog had ons land zich nog niet in zo’n crisis bevonden.

Oorlog is een vreemd woord. Hoe langer ik er naar kijk hoe mooier ik het woord vind. Niet in wat het betekent, maar het woord op zichzelf. De klank heeft iets vriendelijks. Eerst het woordje ‘oor’ dat je doet denken aan je eigen ‘oor’ of iets aan een oord, waar je naar toe zou kunnen gaan, waar je zou kunnen verblijven. Dan het woord ‘log’ dat niets is, maar wel een mooie ‘o’ heeft in het midden. Als het woord oorlog niet zou verwijzen naar strijd, dood en verderf, dan zou het een woord kunnen zijn waar je vrolijk van wordt. Simpelweg omdat het drie o’s heeft, een mooie r en iets van ruimte op roept. Een ruimte om in te zijn.

Etymologisch gezien hangt het woord samen met twee Germaanse worden ‘oarloch’ dat strijd betekent en ‘orlach’ dat noodlot betekent. Misschien komt daarin de ruimte die het woord in mij oproept ook vandaan. Wie zich aan zijn noodlot of bestemming overgeeft, ontdekt een ruimte. Een ruimte om in te leven. Die houdt op met strijden, maar accepteert het lot.

Ik weet niet of iemand mij nog kan volgen. Misschien zijn dit uitwassen van een schrijver die zich dag in dag uit bezig houdt met woorden.

Toch betekenen woorden en wat ze oproepen meer dan je denkt. Zo hebben we nog altijd geen goed woord voor het feit dat alles met alles verbonden is, of voor de taal van de bomen, de vissen, de vliegen, de bijen. Hoewel alles op de aarde ons al langer vertelt dat er iets mis gaat met de verbondenheid van de mensheid met alles wat leeft, hebben we er geen woorden voor. Als de bijen het woord oorlog kenden, hadden ze die misschien al duizenden malen in onze oren geschreeuwd, hadden ze persconferenties belegd, maatregelen genomen en gedicteerd. Maar ze hebben dat allemaal niet. En dus verdwijnen ze. Ze verdwijnen in een oneerlijke strijd. Ze hebben zich bij hun noodlot neergelegd en de ruimte van het niet-bestaan omarmd.

Wat als wij hen woorden zouden geven? Wat als de bomen, vissen, vogels zouden kunnen spreken? Wat zouden ze ons dan duidelijk kunnen maken?

Misschien leent dit tijdperk zich wel om te luisteren, niet alleen naar onszelf in de stilte, maar ook naar alles wat normaal gesproken niet kan spreken. Zoals de vissen die weer door de wateren van Venetië zwemmen, de vogels die te horen zijn in de stad Madrid, de zwanen op de snelweg.

Hoewel het virus er niet op uit is, het is slechts gericht op de eigen overleving, legt het door alles wat het veroorzaakt wel iets bloot. De overheersing van de menselijke soort op deze aarde. En dat de aarde en alles wat daarop leeft, ook verder leeft zonder ons, zonder de mens.

Misschien moeten we tot inzicht komen dat het tijd wordt vrede te sluiten met alles wat leeft. En is het niet alleen een oorlog die we van het virus moeten winnen, maar creëert deze oorlog een ruimte voor iets anders. Voor al het leven op aarde.

Ik denk nu aan de woorden van Wubbo Ockels, de astronaut, hij schreef vlak voor zijn dood in 2014 een brief die hij liet publiceren in een landelijke krant. Dit is het begin: ‘Het is genoeg, we zijn te ver gegaan!!! De industriële revolutie heeft ons in een ongewenste situatie gebracht. We zijn door de natuur geraasd, we vernietigen onze levensbronnen. We moeten stoppen, we moeten veranderen, we moeten een ander pad kiezen, we moeten onze levens veranderen, en de manier waarop we zaken doen. Laten we ‘het menselijke tijdperk’ begroeten. Laten we stoppen met de vernietiging van de aarde, van de mensheid; van ons. Laat het voor iedereen duidelijk zijn: we moeten een nieuwe houding vinden, een nieuwe cultuur, een nieuwe instelling, een nieuwe eenheid van de mensheid, voor ons voortbestaan.

Tot nog toe zijn we niet veranderd. Misschien dat dit tijdperk ons tot inkeer brengt. Laten we het hopen, voor de bijen, de mieren, de slakken, de vissen, de vogels en de mensen. En laten we hopen dat als het virus is uitgedoofd, we hebben gerouwd om de vele doden, we onszelf bij elkaar hebben geraapt na de wanhoop en het verdriet, we iets van een nieuwe geboorte zien, een nieuwe mens die opstaat op deze aarde, over de landsgrenzen heen kijkt, verschil weet te waarderen en het leven op aarde met respect voor alles wat er leeft vorm geeft.

written by Beitske - Posted in Corona